Terug naar hoofdinhoud

Leo van der Meule - Bouwhistoricus

Werkvizi

Mensen hebben een verleden, maar gebouwen, steden en zelfs hele landschappen ook. De bouwhistoricus brengt dat veelal verborgen verleden in zicht.

Verborgen verleden:afgaand op de voorgevel een ogenschijnlijk eenvoudig dijkhuis. Hooguit 130 jaar oud.
Baanhoek 137-143, Sliedrecht
Onderzoek 2002

Het geheel verschillende beeld van de achtergevel,
die een veel hogere leeftijd verraadt.

Overduidelijk metselwerk uit de zeventiende eeuw, een strek in bak- en natuursteen.

In het huis een balklaag met consoles uit dezelfde periode.
Er bleek nog heel wat van de oude herberg 'De Engel' aanwezig.

Oude gebouwen vertellen verhalen. Oude gebouwen liegen nooit, maar geven soms wél verdraaid lastige raadsels op.

Het raadsel…hoe zijn die unieke hoekveranda's ontstaan?
Het onderzoek loste het raadsel op, met veel meet- en rekenwerk vanaf oude kaarten. 

Boerderij Provinciale weg 38, Moordrecht
Fotocollectie Historische Vereniging Moordrecht

Onderzoek 2020-2021   

Die te ontraadselen en om te zetten in een helder samenhangend geheel; dát is de opdracht van de bouwhistoricus. Hij/zij moet zich thuis voelen in die gebouwen, maar ook in archieven, kaartenverzamelingen,  bibliotheken en soms zelfs…onder de grond.

Oude teksten vinden, ontcijferen, begrijpen en duiden…het hoort er allemaal bij.
Een huis, op de westzijde van de (Amsterdamse) Keizersgracht,
wisselt op 4 mei 1658 van eigenaar.
Amsterdam Archief Schepenen, toegangsnr 5062 inv. nr. 50 fol 3 verso
Onderzoek nog niet afgerond, publicatie in voorbereiding

Oude kaarten….hier een absolute 'schoonheid' uit de late zestiende eeuw.
Zeer zeldzaam en volkomen in overeenstemming met belastingregisters
uit die tijd en zelfs met grafelijke oorkonden van 300 jaar eerder!
Kaart van het gebied tussen  de Gouwe en de Hollandse IJssel.
Nationaal Archief collectie Hingman, toegangsnr.4.VTH inv. nr. 2427

Op de bieb of thuis: vakliteratuur hoort er zeker bij.
Een goede bouwhistoricus durft op de schouders
van andere onderzoekers te gaan staan.
(Eigen opname)

Deze bouwhistoricus heeft, na zijn algemeen geschiedkundige aanloop in Leiden, daar doorgestudeerd in Middeleeuwse geschiedenis. Daarnaast volgde hij alle colleges en practica van de Vakgroep Restauraties binnen de faculteit Bouwkunde aan de T.U. Delft en een zelfde traject in Middeleeuwse Archeologie aan het I.P.P. van de UvA. Drie complete doctoraalfasen, drie volkomen andere werelden, maar het was genieten en…het leverde de meest complete kennis op die voor dit mooie vak vereist is. De korte lijnen binnen het eenpersoons onderzoeksteam, met 38 jaar ervaring dat wel. Delegeren en tijdrovend overleg niet nodig, lagere kosten, dat ook.

De meest complete kennis: zonder tijdrovend uitbesteden het hele traject
in één onderzoekershoofd en twee -handen

Want bouwhistorie is een vak! Een vak dat zich in zijn onderzoeksaspect bedient van wetenschappelijke methoden. Doorzichtig, toetsbaar, en met gegevens die in een logische volgorde en heldere opbouw worden gepresenteerd. Aan de opdrachtgever, de architect, en uiteindelijk zelfs aan de gehele samenleving.

Dat laatste via artikelen, lezingen en op een meer toegankelijke manier…via deze website. 

Kennisoverdracht…lezingen op iedere denkbare plek,
en aan ieder denkbaar publiek ongeacht het opleidingsniveau

Lezing (2018) voor Chinese architecten en stedenbouwkundigen:
waarom ziet Nederland er uit zoals het eruit ziet?

Steeds wordt gewerkt volgens de Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek zoals opgesteld door de Rijksdienst voor het Cultureel  Erfgoed. Veelal moeten daarbinnen - afhankelijk van de  beschikbare middelen en tijd - wel prioriteiten worden gesteld. Soms blijven er vragen liggen of zijn raadsel écht niet te ontraadselen. Daar goed onderbouwd eerlijk voor uitkomen is ook een vorm van vakmanschap.

Het gebouw is en blijft de belangrijkste bron van gegevens. 

In een zijmuur van het pand het enig overgebleven raam uit 1765. Met uitzicht op…..de blinde zijmuur van een ander, in 1916 nieuw neergezet buurpand. De voorganger daarvan had vrijwel zeker een kleine binnenplaats zodat door dit raam wat licht en frisse lucht kon toetreden tot het trappenhuis.

Raam in het pand Westhaven 12, Gouda

Daar komt het zowel binnen als buiten aan op kijken, kijken en nog eens kijken. Inderdaad, wat "vertelt" het gebouw? Een gevelindeling,…een dichtgezet raam,…een trap op een hartstikke onlogische plaats,…twee geheel verschillende kelders onder één huis? Na het kijken, soms nog ondersteund door gedetailleerd opmeten en tekenen, volgt het denken en puzzelen.

Meten is weten, en via de tekening wordt die kennis gedeeld.
Een van de pilasters in de voormalige Barbarakapel aan de Goudse Keizerstraat 98-104.

Onderzoek 1994 (quickscan) en 2001-2002 (opname)

Daarnaast kunnen schriftelijke bronnen, van allerlei aard en omvang, een rol spelen. Oude kaarten, foto's en getekende of geschilderde afbeeldingen leveren aanvullende kennis. Papier, maar ook schilderslinnen en zelfs celludoid zijn geduldig en kunnen een aangepaste werkelijkheid presenteren.

De aangepaste werkelijkheid: een afbeelding door Jan van der Heyden uit 1670 van een Amsterdamse gracht, met hoog boven de huizen uit…de toren van de grote kerk van Veere!

Collectie Kaufman Americana Foundation

Ze moeten altijd op hun betrouwbaarheid worden gecontroleerd en dat is weer een ander boeiend onderdeel van dit vak. De hele afgelegde weg tussen vraag en antwoord levert uiteindelijk een rapport op dat tijdens de restauratie als houvast kan dienen voor de opdrachtgever, diens architect en de over hun schouders meekijkende samenleving.

Rapporten….

Zodat de restauratie geen aantasting maar een verrijking wordt. Een nieuw hoofdstuk dat wordt toegevoegd aan het zoveel mogelijk onverstoord "doorvertellende" gebouw.